Updates

Aandelen Nederland

ASML

Advies
kopen
Aandelen Nederland

TomTom

Advies
kopen
Aandelen Internationaal

LVMH

Advies
verkopen
Aandelen Internationaal

JPMorgan Chase

Advies
verkopen
Aandelen Nederland

Alfen

Advies
houden
Aandelen Internationaal

Rio Tinto

Advies
kopen
Aandelen Internationaal

BHP

Advies
houden
Aandelen Nederland

Vastned Retail

Advies
houden
Aandelen Nederland

Unibail-Rodamco Westfield

Advies
kopen
Aandelen Nederland

ABN Amro

Advies
houden
Aandelen Nederland

ING

Advies
houden
Aandelen Nederland

Air France-KLM

Advies
kopen
Aandelen Nederland

BAM

Advies
kopen
Aandelen Nederland

Heijmans

Advies
kopen
Aandelen Nederland

Randstad

Advies
houden
Aandelen Nederland

Flow Traders

Advies
houden
Aandelen Nederland

Sligro

Advies
kopen
Aandelen Nederland

HAL Trust

Advies
kopen
Aandelen Nederland

Ebusco

Advies
houden
Aandelen Internationaal

Home Depot

Advies
verkopen
Aandelen Nederland

Corbion

Advies
kopen
Aandelen Nederland

Aalberts

Advies
kopen
Aandelen Internationaal

L'Oréal

Advies
kopen
Aandelen Internationaal

PayPal

Advies
kopen
Aandelen Nederland

Pharming

Advies
kopen

Wat de rentecurve volgens Fisher Investments Nederland kan betekenen voor beleggers

advertorial

De rentecurve. In de financiële publicaties die Fisher Investments Nederland volgt, wordt er vaak verwezen naar dit concept: een grafische voorstelling van de rente over alle obligatielooptijden heen. Sommigen beschouwen het bijna als een kristallen bol die de toekomst van economieën en markten kan voorspellen. Ook wij denken dat de curve belangrijk is, maar niet vanwege haar eventuele magische eigenschappen. In onze ogen zijn rentecurves belangrijke economische indicatoren, maar ons onderzoek toont aan dat ze weinig effectief zijn voor het timen van de beurs.Fisher Investments Nederland stelt vast dat rentecurves vaak invloed hebben op de economische groei – dat is volgens ons te wijten aan het effect van de rentes op de kredietverlening door banken. Een cruciaal onderdeel van het businessmodel van banken is immers het lenen van geld over een kortere tijdspanne – gewoonlijk via deposito’s van klanten of eendaagse leningen bij andere banken – en het uitlenen van geld op de langere termijn. Het verschil (de ‘spread’) tussen de kortetermijnrente (die banken betalen voor financiering) en langetermijnrente (die ze verdienen op leningen) is dus van invloed op de winstmarge op nieuw verstrekte leningen.

In het bijzonder hebben we vastgesteld dat de spread tussen de rente op overheidsobligaties met een looptijd van drie maanden en van tien jaar een heel goede indirecte graadmeter is voor de winstmarge van banken op leningen. Een kleine spread vermindert de stimulans voor een bank om risico te nemen, aldus Fisher Investments Nederland. Dit betekent dat ze doorgaans alleen leningen zullen toekennen aan de leners met de grootste kredietwaardigheid. Als de spread echter groter wordt en de winstmarge op leningen stijgt, denken we dat dit banken aanzet om meer leningen toe te kennen. Meer leningen betekent meer geld dat naar bedrijven en consumenten stroomt, waardoor de economische activiteit zal aantrekken.

In het algemeen stellen we vast dat beleggers omgekeerde rentecurves (wanneer de korte rente hoger is dan de lange rente) terecht als een alarmsignaal beschouwen voor de beurs. In theorie wijst een omgekeerde rentecurve erop dat de winstmarge van banken op nieuwe leningen minimaal is, waardoor ze minder geneigd zullen zijn om geld uit te lenen. In de praktijk hebben studies aangetoond dat inversies van de rentecurve doorgaans de voorbode zijn van een recessie (algemene terugval van de economische output) en bearmarkten (langdurige, door fundamentele factoren veroorzaakte dalingen van de beurs met 20% of meer).[i]

Verscheidene landen die in 2008 in een recessie belandden, zagen in 2006, 2007 en helemaal aan het begin van 2008 bijvoorbeeld hoe de rente op hun 3-maands staatsobligaties uitsteeg boven die op 10 jaars-obligaties.[ii] Dit was onder meer het geval in de VS, het VK, Canada, Zweden en Noorwegen.[iii] Deze inversies waren niet uniek. Uit een rapport uit 2019 van de Amerikaanse Federal Reserve Bank van St. Louis met onderzoek naar zes grote markten – de VS, Canada, Frankrijk, Duitsland, Italië en het VK – bleek dat er slechts een land (Italië) was waar een recessie niet steevast werd voorafgegaan door een inversie van de rentecurve.[iv]

Fisher Investments Nederland denkt dat de rentecurve weliswaar een belangrijke economische indicator is, maar volgens ons heeft ze weinig waarde als hulpmiddel voor het timen van de beurs. Ten eerste stelde datzelfde onderzoek van de Federal Reserve vast dat er valse signalen waren, d.w.z. momenten waarop zich recessies voordeden die niet werden voorafgegaan door een omkering van de rentecurve.[v]

We denken ook dat lichte inversies niet noodzakelijk een probleem hoeven te zijn. Waarom? Omdat kredietverlening een wereldwijd gegeven is. Dit betekent dat de kortetermijnrentes in een land of regio de feitelijke kosten van banken kunnen overschatten, aangezien die banken gemakkelijk geld kunnen lenen op een andere markt dan hun thuismarkt.

En ook dan weerspiegelt de rentecurve niet altijd de werkelijke financieringskosten van banken, om andere redenen. Denk bijvoorbeeld aan 2019. Dat jaar steeg de 3-maands rente in de VS, het VK en Duitsland op verschillende momenten tot boven hun respectievelijke rentes op 10 jaar.[vi] Maar ons onderzoek laat zien dat de feitelijke kostprijs van de financiering op korte termijn in vele gevallen ver onder de rente op drie maanden lag. In de grootste markt ter wereld, de VS, piekte de tienjaarsrente op Amerikaanse staatsobligaties dat jaar op 2,46% – maar de gemiddelde rente die banken uitkeerden op spaartegoeden was slechts 0,1%.[vii] Volgens ons was dit te wijten aan het feit dat banken toen op bergen cash zaten, waardoor ze niet geneigd waren om de depositorente te verhogen in een poging de spaartegoeden van klanten binnen te halen.

De inversies van 2020 werden inderdaad gevolgd door een wereldwijde economische recessie en een bearmarkt.[viii] Maar we denken dat dit uitsluitend te wijten was aan de economie die op slot ging door COVID-19. Het is zeer twijfelachtig of de rentecurves de ongekende lockdowns van halverwege 2020 hadden kunnen voorzien.

Belangrijk is ook onze vaststelling dat wanneer er zich grote onheilspellende inversies voordeden, dit niet wil zeggen dat de beurzen daarna onmiddellijk een piek bereikten. Denk maar aan de inversies uit 2006-2008. In de VS steeg de 3-maands rente op 17 juli 2006 uit tot boven de rente op 10-jaars staatsobligaties. Maar de Amerikaanse aandelenbeurzen bereikten hun piek pas op 9 oktober 2007, bijna 15 maanden later.[ix] De inversie van 27 oktober 2006 in Canada vond plaats bijna 20 maanden voordat de markt piekte, op 18 juni 2008.[x] Bovendien steeg de 10-jaarsrente een of meerdere keren opnieuw tot boven de 3-maandsrente voordat hun respectievelijke beurzen een piek bereikten.[xi] De inversie in Zweden daarentegen deed zich pas op 4 januari 2008 voor, bijna zes maanden nadat de beurs zijn piek bereikt had en met -24,6% was gekelderd.[xii]

Laat we ook eens kijken naar de VS, waarvan de gegevens tot ver in het verleden teruggaan. Sinds 1950 waren er elf bearmarkten op de beurs in de VS, waarvan er zich negen voordeden rond het ogenblik dat het segment tussen 10 jaar en 3 maanden van de Amerikaanse rentecurve zich omkeerde.[xiii] Deze inversies vonden plaats gemiddeld 9 maanden voor de start van de bearmarkt, maar individuele inversies schommelden tussen de 25 maanden voordat en 7 maanden nadat de recessie begon.[xiv] Volgens ons toont dit aan hoe moeilijk – om niet te zeggen onmogelijk – het is voor beleggers om de rentecurve te gebruiken als instrument om de markt te timen.

Toch denkt Fisher Investments Nederland dat het voor beleggers nuttig kan zijn om de rentecurves te volgen. Volgens ons maakt hun praktische rol bij kredietverlening ze tot een belangrijke component van economische en marktvoorspellingen, hoewel ze geen wondermiddel zijn voor het timen van de markt.

Volg ons op social media voor de laatste marktontwikkelingen en updates van Fisher Investments Nederland:

Fisher Investments Nederland is de handelsnaam die wordt gebruikt door de vestiging van Fisher Investments Luxembourg, Sàrl in Nederland (“Fisher Investments Nederland”). Fisher Investments Nederland is geregistreerd in het handelsregister van de Nederlandse Kamer van Koophandel met het ondernemingsnummer 75045486. Als de Nederlandse tak van Fisher Investments Luxembourg, Sàrl, staat Fisher Investments Nederland onder het toezicht van de Commission de Surveillance du Secteur Financier (“CSSF”) en is geregistreerd bij de Nederlandse Autoriteit Financiële markten.

Dit document bevat de algemene visie van Fisher Investments Nederland en Fisher Investments Europe en dient niet te worden beschouwd als persoonlijk beleggings- of belastingadvies of als een afspiegeling van de prestaties van cliënten. Er wordt niet gegarandeerd dat Fisher Investments Nederland of Fisher Investments Europe deze visie zullen handhaven. Deze kan immers veranderen op grond van nieuwe informatie, analyses of heroverweging. Niets in dit document is als aanbeveling of prognose van marktomstandigheden bedoeld. Het is eerder bedoeld om een standpunt weer te geven. De huidige en toekomstige markten kunnen sterk afwijken van de hier geschetste markten. Bovendien worden geen garanties gegeven met betrekking tot de nauwkeurigheid van eventuele aannames gemaakt in illustraties in dit document. Beleggen op de financiële markten brengt een risico van verlies met zich mee en er is geen garantie dat het belegde kapitaal geheel of gedeeltelijk terugbetaald zal worden. Rendementen uit het verleden bieden geen garantie voor toekomstige rendementen en geven daar geen betrouwbare indicatie van. De waarde en opbrengst van de beleggingen volgen de schommelingen van de wereldwijde aandelenmarkten en van de internationale wisselkoersen.

[i] “Economic Forecasts with the Yield Curve”, Michael D. Bauer en Thomas M. Mertens, Federal Reserve Bank of San Francisco, 05/03/2018.

[ii] Bron: FactSet, per 14-01-2022. Op basis van de rente op 10 jaar en 3 maanden op staatsobligaties en het bruto binnenlands product van de VS, het VK, Noorwegen, Zweden en Canada, 31/12/2005–31/12/2008.

[iii] Ibid.

[iv] “Do Yield Curve Inversions Predict Recessions in Other Countries?”, Sungki Hong, Federal Reserve Bank of St. Louis, 05/08/2019.

[v] Ibid.

[vi] Bron: FactSet, per 14-01-2022. Op basis van de rente op 10 jaars- en 3 maands-staatsobligaties uit de VS, het VK, en Duitsland, 31/12/2018–31/12/2019.

[vii] Bron: Federal Reserve Bank of St. Louis, 14/01/2022. Nationale rente op deposito’s van minder dan USD 100.000: spaartegoeden, 31/12/2018–31/12/2019.

[viii] Bron: FactSet, per 19/01/2022. Gebaseerd op het rendement in euro van de MSCI World Index met netto-dividenden, 31/12/2019–31/12/2020.

[ix] Bron: FactSet, per 14-01-2022. Op basis van de rente op 10-jaars en 3-maands Amerikaanse staatsobligaties en de MSCI USA Index (totaalrendement) in Amerikaanse dollar, 17/07/2006–31/12/2008. Rendement weergegeven in Amerikaanse dollar om het effect van wisselkoersschommelingen op de lokale piek van de markt uit te sluiten. Schommelingen in de wisselkoers tussen de Amerikaanse dollar en de euro kunnen leiden tot verschillende data voor de piek van de markt.

[x] Bron: FactSet, per 14-01-2022. Op basis van de rente op 10-jaars en 3-maands Canadese staatsobligaties en de MSCI Canada Index (totaalrendement) in Canadese dollar, 27/10/2006–31/12/2008. Rendement weergegeven in Canadese dollar om het effect van wisselkoersschommelingen op de lokale piek van de markt uit te sluiten. Schommelingen in de wisselkoers tussen de Canadese dollar en de euro kunnen leiden tot verschillende data voor de piek van de markt.

[xi] Bron: FactSet, per 14-01-2022. Op basis van de rente op 10-jaars en 3-maands Canadese en Amerikaanse staatsobligaties, 17/07/2006–31/12/2008.

[xii] Bron: FactSet, per 14-01-2022. Op basis van de rente op 10-jaars en 3-maands Zweedse staatsobligaties en de MSCI Sweden Index (totaalrendement) in Zweedse kroon, 16/07/2007–04/01/2008. Rendement weergegeven in Zweedse kroon om het effect van wisselkoersschommelingen op de lokale piek van de markt uit te sluiten. Schommelingen in de wisselkoers tussen de Zweedse kroon en de euro kunnen leiden tot verschillende data voor de piek van de markt.

[xiii] Bron: Global Financial Data en FactSet, per 18/01/2022. Op basis van het rendement van de S&P 500 in Amerikaanse dollar en de Amerikaanse rente op staatsobligaties op 10 jaar en 3 maanden, 31/12/1949–18/01/2022. Rendement weergegeven in Amerikaanse dollar om het effect van wisselkoersschommelingen uit te sluiten. Schommelingen in de wisselkoers tussen de Amerikaanse dollar en de euro kunnen leiden tot verschillende data voor de bearmarkten.

[xiv] Ibid.