Als bankklant ben je straks niets waard
In de Verenigde Staten ben je als belegger heel wat waard. Vorige week betaalde zakenbank Morgan Stanley maar liefst $13 mrd voor E-Trade. De broker heeft ongeveer 5,2 miljoen klanten, zodat de overnameprijs neerkomt op $2500 per rekeninghouder.
Dat hoge bedrag staat niet op zich. Eind november vorig jaar legde internetbroker Charles Schwab $26 mrd op tafel voor branchegenoot TD Ameritrade. Dat bedrag vertaalt zich naar $2167 voor elke klant. Saillant detail: het overnamebod kwam slechts enkele weken nadat beide partijen hadden aangekondigd om de handelskosten voor aandelen- en ETF-transacties te schrappen. En waarom zou je miljarden dollars betalen voor een bedrijf dat net zelf zijn traditionele bron van inkomsten heeft drooggelegd?
Kernactiviteit wordt bijzaak
De enige reden voor het afschaffen van de transactiekosten door Amerikaanse brokers is de enorme concurrentiedruk. Door de overname van TD Ameritrade neemt Charles Schwab een grote concurrent weg en bouwt het bovendien de schaalomvang uit. Daar komt bij dat de onderneming gebruik maakte van een unieke kans. De beurskoers van TD Ameritrade was namelijk met bijna 30% gedaald na het bericht dat het bedrijf transactiekosten afschaft.
De voornaamste reden voor de hoge overnamesom is echter dat andere inkomstenbronnen veel belangrijker zijn geworden dan transactie-omzet. Vorig jaar vormden netto rente-inkomsten bijvoorbeeld ruim 60% van de totale baten van Charles Schwab. Daarnaast was meer dan 30% afkomstig van vermogensbeheer en andere activiteiten. Handelsinkomsten leverden slechts een bijdrage van minder dan 6%. Kortom: Amerikaanse brokers verdienen veel meer met andere diensten dan met datgene waarom ze bekend staan.
Hoe verdien ik geld?
In Europa ligt dat echter anders. Het Nederlandse BinckBank werd vorig jaar ingelijfd door Saxo Bank. De Deense onderneming betaalde €424 mln voor de branchegenoot. Dat komt neer op €664 voor elk van de ongeveer 639.000 rekeninghouders van BinckBank.
Het is geen toeval dat een Amerikaanse brokerrekening bij dit soort transacties ruim driemaal zoveel waard is als een Europese. De negatieve rente van de ECB maakt het lastig voor brokers in Europa om wat extra’s te verdienen met het vermogen van klanten, zoals het uitlenen van de aandelen uit klantportefeuilles (securities lending). Over dit probleem kunnen banken overigens maar al te goed meepraten. Door de negatieve rente moeten ze 0,5% afdragen aan de ECB voor het stallen van (spaar)vermogen. De vergoeding van één tot enkele euro’s per maand voor het aanhouden van een betaalrekening is soms niet voldoende om dat verlies te compenseren.
Andere blik op banken en brokers
Omdat het traditionele verdienmodel wordt uitgehold, moeten banken net als brokers nieuwe diensten ontwikkelen. Dat is echter makkelijker gezegd dan gedaan – niet in de laatste plaats door de opkomst van nieuwe fintech-concurrenten en de opstelling van Europese toezichthouders.
Zo dwingt de nieuwe bankenrichtlijn PSD2 om op verzoek van klanten allerlei betaalgegevens te delen met andere partijen. Banken moeten de deur openzetten voor concurrenten, maar blijven tegelijk wel zelf aansprakelijk voor de veiligheid van vertrouwelijke informatie.
Als belegger wordt het meer dan ooit zaak om onderscheid te maken tussen banken die voorop lopen op fintech-gebied en in veelbelovende segmenten klanten winnen en ondernemingen die daar minder ruimte voor hebben. Dat verklaart bijvoorbeeld de voorkeur voor ING boven ABN Amro in de Nederlandse banksector. En als bankklant kan het natuurlijk geen kwaad om nog eens goed te kijken hoe het verdienmodel van je bank of broker in elkaar steekt.