Updates

Aandelen Internationaal

Microsoft

Advies
kopen
Aandelen Internationaal

Novartis

Advies
kopen
Aandelen Nederland

KPN

Advies
kopen
Aandelen Internationaal

Facebook

Advies
houden
Aandelen Internationaal

Intel

Advies
kopen
Aandelen Nederland

CTP

Advies
houden
Aandelen Nederland

Besi

Advies
kopen
Aandelen Nederland

Wereldhave

Advies
kopen
Aandelen Nederland

Unilever

Advies
kopen
Aandelen Nederland

RELX

Advies
houden
Aandelen Nederland

ASML

Advies
kopen
Aandelen Nederland

WDP

Advies
verkopen
Aandelen Nederland

AkzoNobel

Advies
houden
Aandelen Nederland

Nedap

Advies
kopen
Aandelen Internationaal

Nestlé

Advies
kopen
Aandelen Nederland

Nieuwe Steen Investments

Advies
kopen
Aandelen Internationaal

Johnson & Johnson

Advies
kopen
Aandelen Nederland

CMcom

Advies
kopen
Aandelen Nederland

Philips

Advies
houden
Aandelen Nederland

TomTom

Advies
houden

Updates

Aandelen Internationaal

Microsoft

Advies
kopen
Aandelen Internationaal

Novartis

Advies
kopen
Aandelen Nederland

KPN

Advies
kopen
Aandelen Internationaal

Facebook

Advies
houden
Aandelen Internationaal

Intel

Advies
kopen
Aandelen Nederland

CTP

Advies
houden
Aandelen Nederland

Besi

Advies
kopen
Aandelen Nederland

Wereldhave

Advies
kopen
Aandelen Nederland

Unilever

Advies
kopen
Aandelen Nederland

RELX

Advies
houden
Aandelen Nederland

ASML

Advies
kopen
Aandelen Nederland

WDP

Advies
verkopen
Aandelen Nederland

AkzoNobel

Advies
houden
Aandelen Nederland

Nedap

Advies
kopen
Aandelen Internationaal

Nestlé

Advies
kopen
Aandelen Nederland

Nieuwe Steen Investments

Advies
kopen
Aandelen Internationaal

Johnson & Johnson

Advies
kopen
Aandelen Nederland

CMcom

Advies
kopen
Aandelen Nederland

Philips

Advies
houden
Aandelen Nederland

TomTom

Advies
houden
Opinie Ivan Snurer, 27 aug 2013 13:20

De BMI van Nederland

0 0 Leestijd ongeveer

De afkorting BMI staat niet altijd voor Body Mass Index. De Barro Misery Index is een uitbreiding op de populaire Misery-index. Hij brengt de economische ellende in kaart en laat zien of consumenten genoodzaakt zijn de broekriem aan te halen, zoals in Nederland.

De Misery-index is de som van de werkloosheid en inflatie. Het is een populaire indicator om de zichtbare en de meer verdoken miserie te meten. Bedenker Arthur Okun vond, zelfs als econoom, de begrippen economische groei en geldontwaarding te abstract. Omdat zowel de inflatie alsook de werkloosheid onze welvaart uithollen, telde hij beide percentages bij elkaar op om een betere indruk te krijgen van de economische ellende. Als de werkloosheid stijgt, hebben consumenten minder geld te besteden en als tegelijkertijd de inflatie oploopt, kunnen ze met het geld dat hen rest ook nog eens minder kopen. Inflatie wordt ook wel de stille dief van de portemonnee genoemd.

In de Verenigde Staten daalt de Misery-index al sinds september 2011. Dat is vooral een gevolg van het herstel op de arbeidsmarkt. Nadat in oktober 2009 de werkloosheid op 10% had gepiekt, nam de werkgelegenheid duidelijk toe. Hierdoor daalde werkloosheid naar 7,4%, het laagste peil sinds 2008.

In Europa blijft de arbeidsmarkt zorgen baren. In oktober 2009 telde de eurozone verhoudingsgewijs evenveel werklozen als de VS. De werkloosheid steeg echter van 10 naar 12,1%. Dat niveau staat sinds april als een huis, maar het tij lijkt nu te keren: in juni daalde het leger werklozen met 24.000 eenheden –een daling die overigens wel te klein om in de werkloosheidsgraad tot uitdrukking te komen. Omdat de inflatie bovendien sneller terugliep dan dat het aantal werklozen steeg, is de Misery-index over zijn hoogtepunt heen.

De Europese economieën hebben het ergste achter de rug, al zijn de verschillen groot. Spanje heeft al een poos de leiding in het ellendeklassement in handen. Ondanks de lagere werkloosheid scoort het Iberische schiereiland slechter dan Griekenland. De Hellenen kampen met deflatie, een daling van het algemene prijsniveau.

Nederland scoorde lange tijd sterk in de Misery-index. In september 2009 was het op Luxemburg na het beste jongetje van de klas. Inmiddels is ons land afgezakt naar de middenmoot. Verhoudingsgewijs verslechterde de Misery-index in dezelfde mate als in Griekenland: de stijging van 3,7 naar 10% is van dezelfde orde van grootte als een stijging van 10 naar 27,3%.

De Misery-index heeft dezelfde tekortkoming als de BMI voor het vetpercentage. De Body Mass Index meet de verhouding tussen het gewicht en de lengte van een persoon en wordt gebruikt om een idee te krijgen van eventueel overgewicht, de verschillen in lichaamsbouw ten spijt. Ook de Misery-index laat de verschillen in economie buiten beschouwing, net zoals de BMI geen oog heeft voor de verhouding tussen spier-, bot- en vetweefsel. Die soortgelijke tekortkoming was ook Robert Barro een doorn in het oog. Hij verfijnde de Misery-index met de langetermijnrente en de trenddeviatie van het bruto binnenlands product. Omdat de berekening omslachtig en ronduit subjectief is, geeft Steve Hanke de voorkeur aan de jaar-op-jaar economische groei. Hij definieert de BMI als de som van de werkloosheid, de inflatie, de rente op tienjarige staatsleningen minus de groei van de economie.

In de VS daalt de BMI weliswaar met horten en stoten, maar in de eurozone is de opwaartse trend immer nog intact. Door de combinatie van werkloosheid (12,1%), inflatie (1,6%), tienjaarsrente (1,7%) en economische krimp (-1,1%) tekent de BMI een waarde van 16,5% op. Per saldo is de situatie minder dramatisch dan eind 2009, destijds piekte de BMI op 18,7%.

Topniveau

In Nederland noteert de BMI echter sinds maart hoger dan in 2009. Het zit zelfs op het hoogste peil sinds 1995. Toen bedroeg de werkloosheid 4,8%, de inflatie 4,9%, de tienjaarsrente 8,8% en groeide de economie met 2,2%. Nu bedraagt de werkloosheid 7%, de inflatie 3,1%, de rente 2% en krimpt de economie met 1,5%. Dat vertaalt zich in een BMI van 13,6%, tegenover 16,3% toen.

Ondanks alle ellende is er voor Nederlandse beleggers geen man over boord. Dankzij het internationale karakter van de AEX stijgen de hoofdaandelen ook als het in Nederland even economisch tegenzit, temeer Europa in het tweede kwartaal de recessie achter zich heeft gelaten. @ Ivan Snurer