De winst van ABN Amro is in het vierde kwartaal behoorlijk gestegen. Dat was voor een deel te danken aan eenmalige factoren. Het dividendbeleid wordt minder ruim dan gehoopt.
ABN Amro heeft in het vierde kwartaal van 2017 een onderliggende nettowinst geboekt van €542 mln. Dat bedrag ligt 63% hoger dan een jaar eerder, maar beduidend lager dan in de drie voorgaande kwartalen. Aan de inkomstenkant liepen de netto rente-inkomsten met 8% op naar €1,7 mrd. Die stijging werd voor een groot deel veroorzaakt door eenmalige posten, zoals boetes voor vervroegde hypotheekaflossingen. De onderliggende groei kwam uit op 2%.
Kosten terugschroeven
De operationele inkomsten namen met 11% toe tot €2,4 mrd. Die relatief grote stijging werd deels veroorzaakt door eenmalige meevallers van €206 mln. Vorig jaar had de bank juist te maken met tegenvallers van €27 mln. Aan de andere kant daalden de operationele kosten met 3% naar €1,7 mrd. Dat was voor een groot deel een gevolg van lagere personeelslasten: -12% naar €686 mln. De bank investeert volop in digitalisering en het stroomlijnen van de organisatie. Het personeelsbestand kromp vorig jaar van 26.000 naar 24.000 medewerkers en het aantal vestigingen daalde van 221 naar 202. Over heel 2017 daalde de cost/income ratio van 65,9% naar 60,1%. Die verbetering was voor een deel toe te schrijven aan eenmalige posten. Op vergelijkbare basis zou de ratio zijn uitgekomen op 61,2%. Voor 2020 streeft ABN Amro naar een percentage tussen 56% en 58%.
Stevige winstgroei
Het operationeel resultaat verbeterde met 59% tot €776 mln. Over heel 2017 nam dat bedrag met 27% toe tot €3,7 mrd, terwijl de onderliggende winst met 34% steeg naar €2,8 mrd. Deze stijging is voor een deel te danken aan eenmalige posten, zoals een boekwinst op de verkoop van private banking Azië van circa €200 mln. Vanwege het nog altijd lastige renteklimaat heeft ABN Amro de rugwind van de aantrekkende Nederlandse economie hard nodig. Anders wordt het moeilijk om de onderliggende winst in het lopende jaar op hetzelfde niveau te houden. Per saldo waren de financiële resultaten wat beter dan verwacht. Daar staat tegenover dat de bank een behoudender dividendbeleid kiest, en dat stelt beleggers teleur. De beurskoers viel na de cijferpresentatie met 2% terug en in het houdadvies komt geen verandering.
Dividendsprong heeft eenmalig karakter
ABN Amro schroeft het dividend over 2017 op van €0,84 naar €1,45 per aandeel. Het dividendrendement bedraagt daarmee ruim 5,5%. Beleggers mogen er echter niet op hopen dat de uitkering snel verder stijgt. De recente dividendsprong wordt veroorzaakt door een winststijging van 34% en een verhoging van de payout van 45% naar 50%. In de toekomst blijft ABN Amro mikken op een payout van 50%. Alleen als de kapitaalbuffer boven de doelstelling ligt, is er misschien wat ruimte voor een extra uitkering. Vanaf 2018 streeft ABN Amro naar een CET1 ratio van 17,5% tot 18,5% (2017: 13,5%). Daarmee bouwt de bank een buffer in van 4% tot 5% met het oog op toekomstige regelgeving Basel IV. Bovendien kijkt de bank voortaan naar de duurzame winst, exclusief eenmalige boekwinsten en andere meevallers. Toekomstige dividendgroei ligt dan ook dichter bij circa 5% dan bij de huidige 73%.
ABN Amro jaarcijfers | 2017 | 2016 |
Op. Resultaat | €3,7 mrd | €2,9 mrd |
Onderliggende nettowinst | €2,8 mrd | €2,1 mrd |
CET1 ratio | 17,0% | 17,7% |