Updates

Aandelen Nederland

Sligro

Advies
verkopen
Aandelen Internationaal

Nestlé

Advies
kopen
Aandelen Nederland

Unilever

Advies
houden
Aandelen Internationaal

Danone

Advies
verkopen
Aandelen Nederland

Flow Traders

Advies
houden
Aandelen Nederland

AMG

Advies
kopen
Aandelen Nederland

TomTom

Advies
houden
Aandelen Nederland

ASML

Advies
kopen
Aandelen Internationaal

Johnson & Johnson

Advies
houden

Updates

Aandelen Nederland

Sligro

Advies
verkopen
Aandelen Internationaal

Nestlé

Advies
kopen
Aandelen Nederland

Unilever

Advies
houden
Aandelen Internationaal

Danone

Advies
verkopen
Aandelen Nederland

Flow Traders

Advies
houden
Aandelen Nederland

AMG

Advies
kopen
Aandelen Nederland

TomTom

Advies
houden
Aandelen Nederland

ASML

Advies
kopen
Aandelen Internationaal

Johnson & Johnson

Advies
houden
Opinie Karel Mercx, 11 dec 2015 08:36

Synthetisch, fysiek of allebei?

0 0 Leestijd ongeveer

In het derde deel van de educatie-serie over het beleggen in ETF’s gaan we
in op de opbouw ervan. Die kan op fysieke wijze tot stand komen, maar
ook synthetisch of via een combinatie van de twee. Fysieke ETF’s zijn talrijker
dan synthetische ETF’s, maar niet per definitie beter.

 In het tweede deel van onze educatie-serie over ETF’s (zie nr. 47) hebben wij het gehad over het belang van de index, en zijn we ingegaan op de grote verschillen tussen de verschillende indices. In dit derde deel gaan we in op de verschillen tussen fysieke en synthetische ETF’s.
Als de belegger heeft bepaald welke index hij wil gaan volgen, is de volgende stap om te bepalen of hij dat wil doen bij een aanbieder die werkelijk de fysieke stukken koopt of bij een aanbieder die op een synthetische manier de index nabootst. Een combinatie kan ook.

Fysieke ETF’s

Wij bespreken eerst de fysieke ETF, waarbij alle stukken uit een index worden gekocht. Zo heeft RELX een weging van 4,17% in de AEX, en een fysieke ETF met de AEX als onderliggende waarde bevat dan ook voor 4,17% aandelen RELX. Het grote voordeel van een ETF is dat u met een klein bedrag in een volledige index kunt beleggen. In de iShares AEX ETF is in de afgelopen dertig dagen gemiddeld voor €7,1 mln per dag gehandeld. U kunt via deze ETF voor een investering van €45,10 beleggen in de AEX, en daarmee heeft u een belegging van €1,88 in RELX. De huidige koers van RELX is €16,01. Koerswinst, koersverlies, dividend en andere opbrengsten worden één op één doorgegeven aan de belegger.

ETN
Via een ETN (Exchange Traded Note) is te beleggen in producten waarin via een ETF (Exchange Traded Fund) niet te beleggen valt, zoals de VIX-index, de volatiliteitsmeter van de S&P500. Een ETN is een product om geld op te halen bij beleggers, en daarmee is het een schuldinstrument. Beleggers hebben dezelfde rechten als obligatiehouders. Mocht er een keer worden afgeboekt op schulden, dan daalt een ETN met hetzelfde percentage. 

Het grote voordeel van deze methode is de zekerheid. De koper weet waarin hij belegt en wie de echte eigenaar van de stukken is. Er zijn echter ook nadelen aan het beleggen in fysieke ETF’s. Ten eerste zijn ze duurder dan synthetische ETF’s, waarbij de index wordt nagebootst. De stukken voor een fysieke ETF moeten immers allemaal worden aangekocht. Bij een AEX met 25 aandelen vallen de kosten wel mee, maar wil je beleggen in bijvoorbeeld de wereldwijde index MSCI World, dan dient de aanbieder 1700 stukken te kopen en te verkopen. Sommige aanbieders drukken de kosten die gemoeid zijn met al die transacties door aandelen tegen rente uit te lenen aan hedge­funds en dergelijke. Dat brengt een risico met zich mee, want ook hedgefunds willen die stukken graag gebruiken om ‘short’ te gaan op de markt. Daarbij lenen ze de aandelen uit in de hoop ze tegen lagere koersen weer terug te kunnen kopen. Zij geven de aandelen vervolgens terug aan de ETF- aanbieder en houden de winst. Als de aandelen echter onverwachts snel stijgen, moet het hedgefund ze terugkopen met verlies, maar wat als het daar geen geld meer voor heeft? In de praktijk valt het echter wel mee met dit tegenpartijrisico. ETF-aanbieders vragen om onderpand en houden de situatie scherp in de gaten. Niettemin kan het natuurlijk altijd een keer goed misgaan.

Bank of Japan
ETF’s zijn niet alleen een handig mechanisme voor particuliere beleggers, hedgefunds en institutionele beleggers. De centrale bank van Japan gebruikt ETF’s om op een goedkope manier aandelen op te kopen. Op de balans staat ruim $50 mrd. Dit bedrag is ongeveer gelijk aan de omvang van de Japanse ETF-markt, maar het is slechts een fractie (1%) van de totale beurswaarde van Japanse aandelen. Helaas geeft de Bank of Japan niet aan welke ETF’s ze heeft gekocht, zodat onbekend is of ze fysiek of synthetisch zijn. Mochten de negatieve rentes en de opkoopprogramma’s van de ECB er niet voor zorgen dat de inflatie in Europa toeneemt, dan is de kans groot dat ECBvoorzitter Mario Draghi de Japanners volgt met het opkopen van aandelen.

Een ander probleem dat bij fysieke ETF’s ontstaat, is het zogenoemde tracking error. Dit is het verschil tussen het rendement van de index en dat van de ETF. Tracking error ontstaat op verschillende manieren. Stel dat er op vrijdagavond bij het slot van de index een indexwijziging is, gaat de aanbieder dan van tevoren de stukken verkopen van het aandeel dat uit de index gaat en de aandelen kopen van een aandeel dat in de index komt? Of wacht hij tot maandag? Hierdoor zit er altijd verschil tussen het rendement dat de index laat zien en het rendement van de ETF – een verschil dat overigens net zo goed positief als negatief kan zijn.

Synthetische ETF’s

Veel beleggers voelen zich prettig bij fysieke replicatie, en dit is dan ook de grootste vorm van de ETF’s. Synthetische ETF’s, waarbij de index wordt nagebootst, bieden echter allerlei interessante mogelijkheden. Bij een synthetische ETF sluit de aanbieder een zogenoemde swap af, met aan de ene kant de aanbieder c.q. de belegger. Deze krijgt bijvoorbeeld het rendement op de Amsterdamse AEX. De andere partij is bijvoorbeeld Deutsche Bank, en die betaalt dit rendement. Dit kan voor Deutsche Bank aantrekkelijk zijn als ze negatief oordeelt over Amsterdamse aandelen. Daalt de AEX inderdaad, dan verdient de bank geld.

VS & Europa

In Europa is de meerderheid van de ETF’s synthetisch. In de Verenigde Staten is dit minder dan 20%. Het hoge aantal synthetische ETF’s in Europa heeft zijn oorsprong in de grote Franse en Duitse derivatenmarkten, die ook met tegenpartijen werken. Société Générale en Deutsche Bank begonnen daardoor tijdens de Europese opkomst van ETF’s meteen met synthetische ETF’s. Fysieke ETF’s werden pas later in Europa gelanceerd.

Omzetting

Het vlaggenschip van Lyxor, de EuroStoxx50 ETF, gaat veranderen.
Eerst was het een synthetische tracker, maar nu wordt gekozen
voor een fysieke replicatiemethode. In deze ETF zit bijna €8
mrd beheerd vermogen. De afgelopen jaren hebben Europese toezichthouders
laten weten dat zij een voorkeur hebben voor fysieke
replicatie. Dit heeft gezorgd voor een uitstroom van synthetische
trackers, waardoor Europese aanbieders de methodiek wijzigen. 

Onder vuur

Aanbieders van synthetische ETF’s liggen onder vuur van de Financial Stability Board (FSB). Dit Zwitserse instituut, dat zich bezighoudt met het bevorderen van stabiliteit op de financiële markten, wijst op meerdere gevaren bij het beleggen in synthetische ETF’s: het tegenpartijrisico, het risico van het onderpand, het liquiditeitsrisico, het gebrek aan transparantie en het ontstaan van belangenconflicten.

Nieuw platform

ETF-aanbieder Source heeft een nieuw platform opgezet om meer ETF’s met een fysieke replicatiemethode aan te kunnen bieden. Sinds begin 2014 gaat 75% van de totale instroom in de ETF-markt naar fysieke ETF’s. Met het nieuwe platform, dat is ontwikkeld in samenwerking met Legal & General Investment Management, wil Source een ruimere keus aan fysieke ETF’s gaan aanbieden.

Steeds goedkoper

De Vanguard Total Stock Market ETF was tot voor kort de goedkoopste manier om blootstelling te krijgen aan de brede Amerikaanse aandelenmarkt. Deze ETF kost 0,05%. iShares heeft echter de prijs van de Core S&P Total US Stock Market ETF verlaagd naar 0,03%. Dit betekent dat het $30 per jaar kost om voor $100.000 aan Amerikaanse aandelen te houden. Beide ETF’s kopen de fysieke aandelen.

Het eerste voordeel van synthetische ETF’s is dat ze goedkoper zijn dan fysieke ETF’s. Dat komt omdat er geen transactiekosten zijn. Het tweede voordeel is dat een synthetische tracker precies de index volgt, waardoor er geen tracking error optreedt. Het derde voordeel is dat de belegger in markten kan beleggen die normaal gesproken onbereikbaar voor hem zijn. Zo is het financiële systeem van China afgeschermd van dat van de rest van de wereld, waardoor het grootste gedeelte van de Chinese aandelen onbereikbaar is voor de westerse belegger. Via synthetische trackers is het echter wel mogelijk om te beleggen in deze aandelen. Er is altijd wel een institutionele partij te vinden die niet gelooft in China, en die graag als tegenpartij wil fungeren. Dit brengt uiteraard tegenpartijrisico met zich mee, maar aanbieders van synthetische ETF’s zeggen dat het risico dat het mis gaat heel laag is. Zo wijst Lyxor er op dat de bank Lehman Brothers, voordat deze omviel, al geen tegenpartij meer was voor zijn synthetische ETF’s. Het faillissement van Lehman kwam voor de buitenwereld weliswaar onverwacht, maar de aanbieders van synthetische ETF’s deden al geen zaken meer met de bank. Overigens laten aanbieders van synthetische ETF’s op hun web­sites zien welk onderpand ze aanhouden.

AfbeeldingEducatie111215

Tot slot zijn er nog de partijen die een combinatie van fysieke en synthetische ETF’s aanbieden. Daarbij worden voor het overgrote deel fysieke aandelen gekocht. Voor geld dat het fonds in- en uitstroomt wordt dan een synthetische constructie gebruikt.

Lees ook: Welke index volgt uw ETF?

Lees verder in het Dossier Educatie

Alert

Selecteer de onderwerpen waarover u een Beleggers Belangen alert wilt ontvangen. Uw selectie wordt direct bewaard en kunt u op ieder moment zelf aanpassen.