Beleggers worden dagelijks met economische berichten overspoeld. De ene dag blijkt dat de economie er beter voorstaat dan verwacht. De dag erop wordt dit bericht door een andere indicator tegengesproken. De cijfers zijn vaak moeilijk te duiden, zelfs voor ervaren beleggers, economen en centrale bankiers. Het is dan ook weinig verrassend dat sommigen hun toevlucht nemen tot wenkbrauwfronsende indicatoren.
Herenondergoed
De onderliggende theorie van de herenondergoedindex is dat
mannen als het economisch tegenzit op niet zichtbare kleding het
eerste besparen. Het verhaal gaat dat de theorie 30 jaar geleden
door Alan Greenspan werd gelanceerd. Maar dat was voor de tijd dat
onderbroeken met dank aan Calvin Klein en Björn Borg tot een
modeartikel zijn uitgegroeid.
Aktetas
Greenspan gaf van 1987 tot begin 2006 leiding aan de
Federal Reserve en is daarmee de directe voorganger van Ben
Bernanke. Omdat centrale bankiers voorafgaand aan een rentebesluit
hun lippen stijf op elkaar houden, had de media op gegeven
bijzondere aandacht voor de dikte van Greenspans aktetas. Wanneer
hij tot een rentestap zou overgaan, moest het besluit met bewijzen
onderbouwd worden. In zijn memoires onthulde Greenspan dat het
mysterie van de dikte in hoofde werd bepaald of er al dan niet een
lunchpakket in zijn aktetas zat.
Lippenstift
De lipstick-index werd bedacht door Leonard Lauder. De
topman van cosmeticagigant Estée Lauder zag in 2001 dat de verkoop
van lippenstift temidden van een economische crisis fors steeg. Dit
zou zijn omdat lippenstift een opzichtig, maar tegelijkertijd
goedkoop luxeartikel is. Onderzoek van Kline & Company leert
echter dat er geen relatie bestaat tussen de conjunctuur en de
vraag naar dit cosmeticaproduct. Niet alleen blijkt de verkoop van
cosmetica in tijden van economische voorspoed te stijgen, vrouwen
trekken nu de aandacht met opzichtige nagels.
Roklengte
Als het goed gaat met de economie, dan is het
zelfvertrouwen onder de bevolking groot. Bij vrouwen vertaalt zich
dat in gedurfde rokjes. In economisch slechte tijden daalt de
zoomhoogte. De Amerikaanse econoom George Talyor ontdekte in 1926
dat als de rokken korter worden, het beter gaat met de economie en
blijken ook de aandelenmarkten te stijgen. De zogenaamde
hemline-index is evenwel omstreden. Na al die jaren is nog steeds
niet duidelijk of het een betrouwbare indicator is. Soms zijn er
teveel modetrends tegelijk.
Verrassing!
Ook de economen van Citigroup doen zich moeilijk met
conjunctuurindicatoren. Zij ontwikkelden daarom de
verrassingsindex. Dit is een index waarin bijgehouden wordt of de
gepubliceerde cijfers meevallen of juist ontgoochelen. Logisch want
economische cijfers die conform verwachting zijn, lokken bij
beleggers geen reactie uit.

De laatste tijd blijkt dat werkelijke uitkomst van de cijfers met regelmaat beter is dan verwacht. Een blik op de verrassingsindex leert dat de economische cijfers al enige tijd beter zijn dan algemeen verwacht. Dat voedt de hoop op nog betere cijfers. Vaak is het echter zo dat de kans dat aan de hooggespannen verwachtingen niet langer voldaan kan worden groter is dan de kans van wel. Daartegenover staat dat wanneer de verwachtingen laag zijn, de cijfers veelal meevallen.
De verrassingsindex voorspelt vrij aardig de ontwikkelingen op Wall Street. Als de index piekt boven de 50, dan daalt de koers van de S&P 500. En omgekeerd als de index onder het niveau van -50 scherp herstelt, dan stijgen in de regel de beurskoersen de komende drie maanden.
Met een foutenmarge van drie maanden is de verrassingsindex van Citigroup verre van perfect, maar de grafiek laat wel zien dat een nieuwe top in de maak is. De kans dat de stroom aan economische cijfers de markt nog aangenaam verrast wordt met de dag kleiner.



