Een portefeuille voor als de euro klapt

Er is veel onzekerheid over hoe de euro gaat overleven. Het vinden van een structurele oplossing kost, om wat voor reden dan ook, tijd. Vandaag een modelportefeuille voor als het fout gaat (of voor het geval de onzekerheid nog lange tijd blijft).

Laten we heel eerlijk zijn: op de wat kortere termijn kan het alle kanten op met de financiële markten. De aandelenmarkten lijken na de klap van augustus en september een bodem aan het zoeken te zijn. Maar gezien alle onzekerheid en heftige bewegingen die we regelmatig 'intraday' zien, is het nog lang niet zeker dat die bodem ook gevonden gaat worden.

Degenen die toch vol durven in te stappen (bijvoorbeeld met aandelen) voeren eigenlijk een strategie van 'de dood of de gladiolen', een strategie die niet past bij iemand die goed op zijn vermogen wil passen (of op het geld van anderen past). Maar geld is ook niet zeker bij een bank of in een oude sok onder het matras. Het belangrijkste devies is en blijft daarom om in onzekere tijden als deze het vermogen goed te spreiden.

Het waren de Joodse koopmannen die al in de Romeinse tijd meenden dat je het geld moest spreiden over een derde land, een derde koopwaar en een derde in contanten. Dat van die contanten, daar ben ik nu niet zo zeker van. Geldontwaarding, vermogensrendementsheffingen en de onzekerheid of iedere bank de crisis gaat overleven, moeten aanzetten tot voorzichtigheid ten aanzien van kasgeld aanhouden.

Maar mogelijk is het toch goed wat kasgeld aan te houden, het is inderdaad een bron van spreiding en wellicht doen zich straks unieke koopjes voor. Laten we eerst even stil staan bij een aantal belangrijke (macro-economische) ontwikkelingen, om daarna tot een modelportefeuille te komen, die rekening houdt met deze ontwikkelingen, die ons door de onzekere tijden heen moet trekken en niet onbelangrijk: die ons over vijf jaar zelfs een aardig rendement zou moeten kunnen opleveren.

De eerste constatering die we doen is dat de wereld de laatste jaren drastisch aan het veranderen is. Het machtsevenwicht verplaatst langzaam naar een aantal groeimarkten als de Bric-landen, en in mindere mate ook landen als Turkije, Mexico, Korea, Indonesië (tezamende acht groeilanden volgens Jim O'Neill van Goldman Sachs). De groei in deze landen zal de komende jaren, met de nodige op- en neergaande bewegingen, in rap tempo doorgaan.

De tweede constatering is dat vooral Europa aan het vergrijzen is en net als de VS en Japan met enorme staatsschulden zit opgescheept. Het is aannemelijk dat na Griekenland ook andere landen in problemen komen. Dat zorgt niet alleen voor waardedalingen en afwaarderingen van staatspapier, maar ook voor lange periode van beperkte economische groei. De bevolking neemt immers af en de schulden moet gesaneerd worden.

Onderstaand plaatje is afkomstig uit een presentatie die Goldman Sachs op 1 november hield op hun jaarlijkse conferentie in Nederland en dat nog eens goed illustreert hoe de wereld aan het veranderen is.

The World is Changing

De derde constatering is dat er door alle onzekerheid de laatste maanden maximale risicoaversie onder beleggers is ontstaan. Die risicoaversie bereikt irrationele niveaus,  kijkend naar bijvoorbeeld de negatieve rente in korte Duits staatspapier, zo schreef ik ook in mijn column van afgelopen dinsdag. Beleggers zijn gevlucht uit alles waar ook maar enige risico aan vastzit: aandelen en staatsleningen van minder solide geachte landen (in beide gevallen gek genoeg ook die van de opkomende markten).

De vierde constatering is dat door alle onzekerheid de beurzen onrustig zijn. Dat zorgt voor volatiliteit (beweeglijkheid). Er zijn bepaalde alternatieve vormen van beleggen die juist gedijen in onrustige tijden, ze kunnen bijvoorbeeld met futures gebruikmaken van de beweeglijkheid gedurende de dag of van trends als die straks weer ontstaan (naar boven of naar beneden). Het gaat hier dus wel om de juiste alternatieve vormen van beleggen.

Rekening houdend van deze macrotrends en de behoefte vooral nu het vermogen te spreiden zou een (overlevings)portefeuille er als volgt uit kunnen zien:

-         20% aandelen (omdat ze door de risicoaversie van beleggers toch wel ondergewaardeerd zijn);

-         10% harde 'assets' als grondstoffen en vastgoed (wel de juiste beheerders kiezen omdat vooral vastgoed nog niet overal veilig is);

-         30% bedrijfsobligaties (omdat die een hogere 'yield' geven dan staatsobligaties, terwijl de balansen van veel bedrijven er beter voorstaan dan die van de overheden die de staatsleningen uitgeven);

-         20% schuldpapier uit de opkomende markten (het zogenaamde Emerging Market Debt), omdat daar de financiën er over het algemeen beter voorstaan en de economische groei hoger is);

-         20% alternatieve vormen van beleggen die verondersteld worden vooral in onrustige en trenderende markten geld te verdienen.

PS: Overleg met uw beheerder of adviseur of een dergelijke portefeuille bij past bij uw risicoprofiel en hoe u die eventueel precies wilt gaan invullen.

Harry Geels is directeur Research en partner bij Inmaxxa Vermogensbeheerin Naarden. Daarnaast is hij hoofdredacteur van Traders Club Magazine (TCM). De informatie in deze opinie is niet bedoeld als individueel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. De standpunten en vooruitzichten van Geels geven zijn persoonlijke mening weer.

Nu in het blad

thumb shade
Verder: opinie, analyses en meer
Nu proberen

LEES OOK

ESM nee, eurobonds ja

Eurobonds zullen het niet worden

Europese aandelen zelden zo goedkoop