De productie van de mijnbouwsector is - na forse onderbrekingen
door overstromingen en aardbevingen begin 2011 - weer helemaal op
peil. De langetermijnvooruitzichten zijn nog steeds goed, maar het
zicht hierop wordt vertroebeld door vele temporele effecten, die
beschreven worden in Beleggers Belangen nr. 30 van 29 juli.
Hoge grondstofprijzen
De grondstofprijzen staan momenteel op historisch hoge niveaus.
Gunstig, al bewegen de inkomens van de mijnbouwers niet (helemaal)
één-op-één met deze marktprijzen. De grondstofproducten worden vaak
op basis van driemaands gemiddelden geprijsd.
Productiekosten
De exploitatiekosten van mijnbouwers als BHP Billiton, Vale en Rio
Tinto lopen de laatste maanden gestaag op. Deze trend wordt
voornamelijk beïnvloed door duurdere productiemiddelen (machines,
rubberbanden, et cetera) en stakingen. De werkonderbrekingen hebben
als doel hogere salarissen en betere werkomstandigheden af te
dwingen en zodoende werknemers te laten meeprofiteren van
werkgevers' winstgevendheid.
Transportkosten
Dankzij capaciteitsuitbreidingen bij reders zijn de kosten van
zeetransport sterk afgenomen sinds de piek van juni 2008. Destijds
kostten de allergrootste schepen $234.000 per dag, een bedrag dat
sindsdien met 95,16% afnam tot $11.314. De verwachting is dat de
kosten voor zeetransport - op de middellange termijn - op dit
niveau zullen blijven.
Optelsom
De optelsom van deze effecten viel tot dusver niet tegen. Zowel BHP
als Rio Tinto zag de productie van ijzererts, de belangrijkste
grondstof, met respectievelijk 14 en 12% toenemen. Dit vanwege de
sterk gestegen vraag van wereldstaalproducent China. In
combinatie met het vooruitzicht van stijgende inkomsten en
bevolkingsgroei (leidend tot een toenemende vraag) in met name
Azië, verwachten wij dat de productie sterk zal blijven.
Lees
hier meer over de mijnbouwers.



