De consumentenvraag ligt in de Westerse wereld op een lager niveau dan voor de crisis en een overschot van de productiecapaciteit zet de prijzen onder druk.
Een omslag van inflatie naar (hoge) deflatie zou niet alleen beleggers voor een probleem stellen. Centrale banken hebben volgens ING IM hun ervaring opgedaan in een tijd waarin het gevaar bijna altijd leek te schuilen in een stijging in plaats van een daling van de inflatie. Bovendien lijken de middelen waarmee centrale bankiers de effecten van deflatie bestrijden momenteel niet echt te helpen.
'Het verlagen van de rentetarieven is eigenlijk geen optie', vertelt van Nieuwenhuizen: 'De rentes zijn al zeer laag en particuliere banken verkeren als gevolg van de vereiste kapitaalreserves niet in een positie om geld uit te lenen.' Er blijven zo weinig middelen over om de consumentenuitgaven te stimuleren. Als de ontwikkelde wereld de kant van deflatie wordt opgedreven, dreigt een Japan-scenario.
Van Nieuwenhuijzen ziet in staatsobligaties van grote en relatief stabiele landen zoals Duitsland en de VS een aantrekkelijke bescherming tegen deflatie: 'De rendementen daarvan zijn vaak negatief gecorreleerd met risicovolle activa in onrustige periodes op financiële markten.'
En een dergelijke periode breekt waarschijnlijk aan als deflatieangst echt de kop opsteekt. In dergelijke tijden is goud ook een goede vluchthaven en volgens ING IM is het edelmetaal in de huidige omstandigheden veel meer een dekkingsmiddel tegen deflatie dan inflatie.



