In dit blog komen de S&P500, Moody's BAA Obligatie Index en
Amerikaanse staatsobligaties aan bod. De richting en de verhouding
tussen deze beleggingen geven een waarschuwing voor de belegger in
de S&P500.
Omdat de westerse beurzen nog steeds zwaar gecorreleerd zijn geldt
deze waarschuwing ook voor Europese aandelen. Maar eerst een stuk
theorie.
BAA
Als Moody's een BAA rating geeft aan een bedrijf betekent dat er
een gematigd kredietrisico is. De obligatie die in deze categorie
vallen behoren in vaktermen tot de "investment grade"
obligaties. De obligaties die hieraan voldoen vallen in de Moody's
BAA Obligatie Index.
De verhouding tussen de obligatie index en de Amerikaanse
staatsobligaties geeft aan hoe het met de risicobereidheid gesteld
is van beleggers.
Tijdens hoogconjunctuur ziet de investeerder weinig risico. Hij
ziet (bijna) geen verschil tussen geld uitlenen aan een bedrijf of
aan de overheid. Hij is er in beide gevallen van overtuigd dat hij
zijn geld terug zal zien. Dus de rentepercentage op
bedrijfsleningen zijn bijna gelijk aan die van
overheidsleningen.
Het landschap ziet er tijdens laagconjunctuur compleet anders uit.
Beleggers vertrouwen de economie niet en brengen het geld naar de
overheid toe. Door al die vraag daalt het rentepercentage op
overheidsleningen.
Tegelijkertijd is er geen vertrouwen in bedrijven, waardoor het
rentepercentage van bedrijfsleningen stijgt. Het mes snijdt dus aan
twee kanten waardoor het verschil in het rentepercentage tussen
bedrijfsleningen en overheidsleningen groot wordt.
De obligaties bewegen van het ene extreem naar het andere extreem.
Dus als de spread groot is zijn obligaties aantrekkelijk en als de
spread bijna weg is dan zijn de risico's het grootst.
S&P500
Zoals de naam als zegt is krediet het probleem bij de
kredietcrisis. Waarschijnlijk is dat de reden waarom in het huidige
tijdperk de beweging van de S&P500 de spread aan het volgen
is.
In de volgende grafiek is de spread afgebeeld, alleen de spread is
als inverse neergezet. Deze komt tot stand door al de waarden van
de spread door 1 te delen. Het gevolg hiervan is dat beide
grafieken zich beter laten vergelijken.

S&P 500 en BAA
Tijdens de hoogconjunctuur van 2006 steeg de S&P500 en werd de
spread kleiner. Door de inverse wordt een kleinere spread
weergegeven als een stijgende lijn.
In 2007 namen beide indices een eigen weg. De spread nam toe
(dalende lijn) en een paar maanden later bereikte de S&P500
juist een nieuw hoogtepunt. Daarna ging de S&P500 de spread
weer "achterna" in de grafiek.
Totdat de spread in maart 2009 een hogere bodem maakte (spread
kleiner) en de S&P500 maakte juist een lagere bodem. In dit
geval had de spread weer gelijk en ging de S&P500 de spread
achter na.
De afgelopen weken is de spread in sneltreinvaart groter geworden.
Hiermee geeft de spread dus opnieuw een waarschuwing af aan de
aandelenbelegger.
Karel Mercx, 17 juni 2010



