Europa eindelijk eens bij de les

Na enkele maanden opzichtig achter de feiten van de schuldencrisis aangelopen te hebben, kwam 'Europa' eindelijk met een overtuigender pakket maatregelen. De vrije val van de financiële markten is gestuit, maar een structurele oplossing van de schuldencrisis is er nog niet.

Maandenlang gedroegen de Europese regeringsleiders zich in de Griekse schulden­crisis als de vlees geworden incompetentie. Maar afgelopen weekend - met het mes van de financiële markten op de keel - stegen ze onverwacht boven zichzelf uit en kondigden een omvangrijk noodplan aan. In totaal is met de maatregelen van de Europese Unie en het Internationaal Monetair Fonds (IMF) maar liefst €750 mrd gemoeid, waarvan €250 mrd voor rekening zou komen van het IMF en €500 mrd van de landen uit de eurozone moet komen.

De omvang van de steunoperatie lokte bij Deutsche Bank-strateeg Jim Reid een cynische reactie uit. 'Veel inflatie hebben we de afgelopen tien, vijftien jaar in de westerse wereld niet gezien', schreef hij begin deze week, 'behalve dan in de reddingsplannen'. In 1998 werd het hedgefonds Long Term Capital Management op initiatief van de Federal Reserve door Amerikaanse en Europese banken voor een bedrag van $3,75 mrd 'afgewikkeld' en dat werd toen als een kolossaal bedrag gezien, aldus Reid.

Maar volgens de Deutsche Bank-strateeg is sinds 1998 het fenomeen 'moral hazard' - het nemen van onverantwoorde risico's in de verwachting dat er altijd wel een partij is, meestal de overheid of een overkoepelende organisatie, die de brokken lijmt - steeds verder uitgedijd. Dat heeft uiteindelijk geleid tot het reddingsplan voor de Europese schuldencrisis dat het Amerikaanse reddingsplan voor de banksector overtreft. Het heeft in ieder geval wel de vrije val op de financiële markten gestopt. Maar hoe solide zijn de plannen en is er sinds afgelopen weekend echt iets voor beleggers veranderd?

Details plan ontbreken
De omvang van het plan verraste de financiële markten en, eerlijk is eerlijk, ons ook. Net zo verrassend en  misschien nog belangrijker dan het bedrag was de toezegging van de Europese Centrale Bank (ECB) om direct staats- en bedrijfsobligaties te zullen kopen, een ongekende maatregel (zie het interview hiernaast met Robecostrateeg Ronald Doeswijk).
De €750 mrd noodhulp bestaat uit drie delen. Het eerste is een bedrag van €60 mrd voor lidstaten van de eurozone die buiten hun toedoen in de problemen zijn geraakt. Daarnaast willen de lidstaten een speciaal fonds optuigen van €440 mrd dat na drie jaar ontbonden wordt. Het IMF zal daar bovenop nog eens minimaal de helft van dit bedrag aan het fonds bijdragen. Details over de gekozen constructie ontbreken echter nog.
Het is niet helemaal duidelijk hoe dit fonds zal worden gefinancierd. Volgens economen van Société Générale (SG) zal het bestaan uit een combinatie van garanties van bepaalde staten en uit bilaterale leningen. Er is nog wel toestemming van de nationale parlementen nodig om deze fondsen ook daadwerkelijk vrij te maken.

ECB gaat door de knieën
Naast de fondsen van ongeveer €750 mrd was de grootste verrassing van afgelopen weekend de mededeling van de ECB 'te interveniëren in de euro­zone-markt voor publiek en particulier schuldpapier' om de liquiditeit in disfunctionele marktsegmenten te verzekeren. Met andere woorden: de ECB zal staats- en bedrijfsobligaties op de open markt kopen. Tegelijk verklaarde de centrale bank deze aankopen te willen 'steriliseren'. Dit om te voorkomen dat de eurozone niet met liquide middelen wordt overspoeld. Immers, als de ECB bijvoorbeeld Griekse staatsobligaties van commerciële banken aankoopt, krijgen deze banken meer contanten tot hun beschikking, die zij vervolgens weer kunnen uitlenen. En als de kredietverlening te sterk toeneemt, zou de inflatie kunnen stijgen.
Het steriliseren van de aangekochte staatsobligaties zou kunnen plaatsvinden door de verkoop van andere activa, zoals staatsobligaties van kredietwaardiger landen als Duitsland of Nederland. Volgens SG heeft de ECB echter relatief weinig staatsobligaties op de balans staan. Hoe de centrale bank de aankopen dan wel gaat financieren, is nog onduidelijk. De vrees bestaat dat de aangekondigde ECB-maatregelen tot een soortgelijke explosie van de balans zullen leiden als bij de Federal Reserve en de Bank of England te zien is. Sinds begin 2007 is de balans van de Federal Reserve met zo'n 150% gestegen en die van de Bank of England zelfs met ruim 200%, zo blijkt uit een analyse van SG.
De ECB lijkt aan te sturen op hogere termijndeposito's van commerciële banken bij de centrale bank, waarmee liquide middelen aan het systeem worden onttrokken. Die toename in deposito's is al zichtbaar. Dat is echter alleen maar het gevolg van het feit dat banken zo voorzichtig zijn geworden dat ze minder aan elkaar willen uitlenen en daarom maar meer liquide middelen bij de ECB aanhouden, concludeert SG.
Bovendien is deze strategie in tegenspraak met een andere, begin deze week aangekondigde maatregel van de ECB om drie- en zesmaands­liquiditeiten aan het banksysteem ter beschikking te stellen. Zolang deze onduidelijkheid aanhoudt, blijft de euro onder druk staan uit vrees dat de ECB-maatregelen de inflatie in de eurozone zullen aanwakkeren.

Volgende fase in crisis
De schuldencrisis is met de aankondiging van het noodplan niet voorbij. Wel hebben de maatregelen de crisislanden weer toegang tot de kapitaalmarkt gegeven. De paniek daarover is weggeëbd, zoals blijkt uit de daling van de Griekse, Spaanse en Portugese rente (zie grafiek).
De vraag of de landen in staat zijn op langere termijn aan hun schuldverplichtingen te voldoen staat echter nog open, en op die vraag zullen beleggers zich de komende kwartalen richten. David Rosenberg, econoom bij vermogensbeheerder Gluskin Sheff, rekende uit wat de gevolgen voor de economische groei zijn wanneer de Europese 'crisislanden' proberen hun begrotingstekort tot 3% van het bbp terug te brengen, zoals het Verdrag van Maastricht voorschrijft. Voor Ierland betekent dat de komende drie jaar dat de jaarlijkse (nominale) economische groei 4 procentpunt lager zal zijn. Griekenland zou jaarlijks een 3,5 procentpunt lagere groei wachten tegen 2,8 procentpunt voor Spanje. Dat vraagt om een enorme inspanning van deze landen en grote politieke wil om harde maatregelen te nemen, wat niet zonder
risico is.
In een recente presentatie liet Matt King, obligatiestrateeg van Citi, zien hoe Argentinië tien jaar geleden geprobeerd heeft zijn schuld met behulp van het IMF te herstructureren. In januari 2000 kondigde de toenmalige regering maatregelen aan om het begrotingstekort terug te dringen. Verschillende andere initiatieven en schuldherstructureringen volgden, maar in december 2001 besloot Argentinië niet meer aan zijn schuldverplichtingen te voldoen. 'Er komt een moment dat het electoraat de moed opgeeft', verklaart Citi's Matt King. Nu is bijvoorbeeld Spanje geen Argentinië, maar harde bezuinigingen doorvoeren in een land met een werkloosheidspercentage van 20  en een private sector die diep in de schulden zit, biedt bepaald geen aangenaam vooruitzicht.
Niet voor niets constateert broker Citi dan ook dat het 'landeneffect' voor beleggers in Europese aandelen weer helemaal terug is. De invoering van de euro zorgde er (mede) voor dat de afgelopen tien jaar de keuze voor de juiste sector bepalender was voor het rendement dan het land van herkomst. Nog steeds zal die sectorkeuze belangrijk zijn, maar beleggers kunnen het zich niet meer veroorloven het landeneffect te negeren, concludeert Citi.
Daarin staat de broker niet alleen. Ook Credit Suisse, ING Wholesale Banking en SG hebben als gevolg van de schuldencrisis een voorkeur voor de veilige Noord-Europese aandelen boven Zuid-Europese. Dat is een begrijpelijke en niet onverstandige strategie, maar vorige week heeft wel duidelijk gemaakt dat de dreiging van een schuldencrisis op staats­niveau de beurzen in Zuid- én Noord-Europa onder druk zet. Zo verloor de AEX-index tussen 3 en 7 mei bijna 10% tegen 13% voor de Spaanse Ibex350-index. In beide landen kregen financials zware klappen. In Amsterdam verloor ING in deze periode bijna 20% terwijl in Madrid de bank Santander ruim 17% verloor.
De felle koersreacties van verleden week waren wat ons betreft dan ook meer een waarschuwingsschot dan de laatste stuiptrekking van de schuldencrisis. Helaas moeten wij - ondanks de aankondiging van het buitengewoon omvangrijke pakket steunmaatregelen - onze conclusie van de afgelopen maand herhalen. De schuldencrisis zal de aandelenbeurzen niet alleen dit jaar, maar zeker ook nog volgend jaar parten blijven spelen.

Opluchting voor markten
Het noodplan biedt landen een herkansing om de schulden aan te pakken, vindt Robeco-strateeg Ronald Doeswijk.
Hebben aandelenbeleggers in vergelijking tot obligatiebeleggers te traag op de schuldencrisis gereageerd?
'Absoluut. De tweespalt op de aandelen- en obligatiemarkt heeft ons verbaasd. We hebben er ook geen verklaring voor. Goede winstcijfers en gunstig economisch nieuws hebben aandelenbeleggers mogelijk afgeleid van het schuldenprobleem dat naar de oppervlakte kwam. En misschien hebben aandelenbeleggers ook gedacht dat het wel goed zou komen, dat de enorme onrust op de obligatie­markt beleidsmakers uiteindelijk tot een oplossing zou aanzetten.'

Die oplossing is er gekomen en is ook nog eens goed gevallen op de financiële markten. Is dat terecht?
'In ieder geval is er een stap gezet waarmee het schuldenprobleem het sentiment in de eurozone op korte termijn niet verder zal verslechteren. Het plan heeft in twee opzichten verrast: door de omvang en door de aankondiging van de Europese Centrale Bank om staats- en bedrijfsobligaties op te kopen. Dat was vorige week donderdag nog geen thema voor de ECB. Het is een opmerkelijke stap voor een centrale bank die inflatiebeheersing altijd boven alles lijkt te stellen. Deze beleidswijziging is een belangrijk signaal van de ECB, namelijk dat hun onafhankelijkheid ook zijn grenzen heeft.'

Maar tast het de geloofwaardigheid van de ECB niet aan?
'Ja, gelukkig wel, zou ik bijna zeggen. De ECB laat nu zien de ogen niet helemaal te sluiten voor de ontwikkelingen in de economie en op de financiële markten.'

Zijn de Zuid-Europese landen echt gebaat bij het plan?
'Ze hebben een herkansing gekregen om hun schuldenprobleem aan te pakken. Landen als Spanje, Portugal en Italië krijgen nu meer tijd - vermoedelijk een jaar of twee - om bezuinigingen te zoeken waar Griekenland in zo ongeveer een week tijd over moest beslissen. Bedenk wel dat alleen het liquiditeitsprobleem maar niet de solvabiliteitskwestie is opgelost. De Zuid-Europese landen krijgen door  de aangekondigde maatregelen weer toegang tot de kapitaalmarkt om hun schulden te herfinancieren.'

Is het schuldprobleem daarmee geen thema meer voor aandelenbeleggers?
'Waarschijnlijk niet. De markt heeft gekregen waar ze om vroeg: geruststelling. Maar de solvabiliteitskwestie blijft nog jarenlang een thema op de financiële markten. Door bezuinigingen en hervorming van arbeidsmarkt en pensioenstelsel moet de Zuid-Europese schuldenlast worden teruggedrongen. In dat proces kan er veel mis gaan. Als de werkloosheid in die landen sterk oploopt, kan er een moment komen dat zij niet meer aan de eisen van de EU en het IMF kunnen - of willen - voldoen. Als het saneringsplan niet goed wordt uitgewerkt, is een nieuwe paniekfase bepaald niet uitgesloten.'


Stephen Hendriks, 12 mei 2010

Nu in het blad

thumb shade
Verder: opinie, analyses en meer
Nu proberen

LEES OOK

Wat als...

Griekse verkiezingen zijn een non-event

Kentering in sentiment