Statistiek: goede beursmaanden komen eraan

Oktober heeft de naam de slechtste maand te zijn, maar de werkelijkheid is dat september de meeste teleurstellingen in het verleden heeft laten zien.

Oktober is namelijk alleen maar berucht vanwege de beurscrashes van 1978 en 1987. Maar ik ken aan de statistieken van individuele maandrendementen weinig gewicht toe. Het is statistisch nauwelijks hard te maken dat er een duidelijk patroon in individuele maandrendementen zit.

Onderstaande grafiek laat het gemiddelde maandrendement zien. Om precies te zijn: het betreft de mediaan. Niet-statistici kunnen dit lezen als het gemiddelde maandrendement gecorrigeerd voor uitschieters. Het gaat om de periode 1950 tot en met 2008 en het betreft het extra rendement dat aandelen ten opzichte van een spaarrekening halen. Ik heb hier maar even de Amerikaanse markt gebruikt omdat daar gemakkelijk betrouwbare data over lange periodes voor te vinden zijn.

clip_image002

Vanaf november blijken de rendementen doorgaans bovengemiddeld aantrekkelijk te zijn. De zomermaanden hebben daarentegen in het verleden juist teleurgesteld. Juni, juli en september zijn zelfs drie maanden waarin een belegger gemiddeld genomen is achtergebleven bij een spaarrekening. Als we het jaar opdelen in twee periodes van zes maanden dan blijkt de periode van november tot en met april (noemen we voor het gemak even de winter) veel aantrekkelijker te zijn geweest dan de periode van mei tot en met oktober (zomer). Sterker nog, als we een winterbelegger en een zomerbelegger met elkaar vergelijken komt een vrij schokkend beeld naar boven, zoals onderstaande grafiek laat zien.

clip_image002

De belegger die vanaf 1950 uitsluitend in de zomer belegde, zag zijn vermogen voor elke ingelegde USD 100 aangroeien tot … ehhh, herstel, die zag zijn vermogen afnemen tot USD 90,83 per eind augustus 2009, de huidige zomerrally op de beurzen ten spijt. De winterbelegger zag elke USD 100 aangroeien tot USD 3442,60. Een gemiddeld rendement van 6,1% extra op de spaarrente. Dit enorme verschil tussen de winter en de zomer ligt ten grondslag aan de beurswijsheid 'Sell in May'.

Criticasters wijzen erop dat de afgelopen zeven jaar het verschil tussen zomer- en winterrendementen niet zo groot is geweest, zodat de beurswijsheid 'Sell in May' niet langer houdbaar is. Dat lijkt me wat voorbarig. Tussen 1991 en 1998 heeft de zomer het ook niet veel slechter gedaan dan de winter en datzelfde geldt voor de periode 1980-1986. Maar iedereen die deze beurswijsheid toen dood heeft verklaard, was er te vroeg bij. Het is geen wet van Meden en Perzen dat de zomer slechter presteert dan de winter. Die kans blijkt historisch ongeveer 67%. Maar het kan zomaar gebeuren dat een aantal jaren op rij de zomer de winter kan bijbenen of kan voorblijven.

Critici stellen ook dat het seizoenspatroon statistisch goochelwerk zou zijn omdat het verband na enig speurwerk pas achteraf in de data is gevonden. Zolang je in een database speurt, zal je achteraf altijd koerspatronen kunnen ontdekken die zich hebben voorgedaan, maar waarvoor het de vraag is of die zich in de toekomst herhalen. Maar 'Sell in May' is al minimaal 50 jaar een beurswijsheid onder beurshandelaren en sindsdien heeft ze haar waarde nog steeds bewezen.

Het seizoenspatroon heeft de afgelopen tien jaar ook de aandacht van wetenschappers getrokken. De verklaringen die het seizoenspatroon in verband brengen met de zomervakantie, winterdepressies en de temperatuur vind ik zelf niet sterk. Ik vind het aannemelijker dat beleggers in kalenderjaren denken en dat zij in het vierde kwartaal hun referentiekader verlengen naar het volgende kalenderjaar. Optimistisch als beleggers van nature zijn, niets menselijks is hen vreemd, is er met een verlengde horizon weer volop ruimte voor roze-wolk-scenario's. Maar als het volgende kalenderjaar enige tijd onderweg is, blijkt de realiteit toch vaak minder mooi dan verwacht. Beleggers vallen van hun roze wolk en er volgt dan een weinig opheffende zomer op de beurs, totdat de roze wolk voor het jaar erna de beurskoersen omhoog stuwt. Ik noem dat de optimismecyclus op de beurs.

Als de meerderheid van de beleggers rekening gaat houden met dit seizoenspatroon, zou het natuurlijk verdwijnen. Maar volgens mij is het voorbarig om afscheid te nemen van de beurswijsheid 'Sell in May'. Het seizoenspatroon is krachtig genoeg om mee te nemen bij beleggingsbeslissingen.

Dr. Ronald Doeswijk
Senior beleggingsstrateeg bij Robeco

Nu in het blad

thumb shade
Verder: opinie, analyses en meer
Nu proberen

LEES OOK

Nieuwe koersdalingen komen eraan

Goede vorm Nutreco