Harry Geels: Staatsobligaties of aandelen?

Bij de analyse van de financiële markten kunnen vele invalshoeken worden bekeken. De economische, fundamentele en de technische analyse zijn daarbij de meest gebruikte methoden. De intermarketanalyse is helaas nog weleens een ondergeschoven kindje.

Beleggers kunnen op verschillende manieren naar de financiële markten kijken. Er zijn beleggers die een voorkeur hebben voor de fundamentele analyse. Het bestuderen van de financiële cijfers is daarbij belangrijk. Andere kijken meer technisch naar de beurs, en bestuderen de historische koersgegevens. Weer andere bouwen kwantitatieve beleggingsmodellen en willen de emotie aan alle kanten uitschakelen. Dan heb je ook nog de economische analyse. Hierbij wordt vooral naar macro-economische data, zoals economische groei, consumentenvertrouwen, stand de rente et cetera, gekeken. Alle methoden hebben zo hun eigen voor- en nadelen. Het is handig om dan de uitkomsten van de verschillende methoden naast elkaar te leggen, om daarna een soort algemene conclusie te trekken. Dit is wat de strategische analyse doet. Maar er is nog een andere belangrijke analysevorm, die vaak vergeten wordt, en dat is de intermarketanalyse. Hierbij worden de geldstromen tussen de verschillende beleggingscategorieën (aandelen en obligaties zijn daarbij natuurlijk het belangrijkst) geanalyseerd. Aangezien uit allerlei wetenschappelijk studies blijkt dat de assetallocatiebeslissingen (hoeveel in aandelen, obligaties, vastgoed et cetera) de belangrijkste beslissingen zijn voor het rendement op de lange termijn, lijkt het aannemelijk dat de intermarketanalyse een van de belangrijkste analysevormen is. Waarom ging het nu zo slecht met de aandelen vorig jaar? Natuurlijk omdat beleggers bang werden over alles wat met bedrijven te maken heeft (aandelen en bedrijfsobligaties), vooral bedrijven die snel last zouden moeten krijgen van een economische recessie. Maar wat er de facto eigenlijk gebeurde was dat beleggers hun geld voor aandelen inruilden voor deposito’s en staatsobligaties, omdat die wel veilig werden geacht. Er vond dus een grote intermarketstroom van aandelen naar obligaties plaats. Financiële markten zijn communicerende vaten. Deze stroom van geld van de ene naar de andere markt leidde tot een zware verliezen bij de aandelen, maar tot grote winsten bij de staatsobligaties. Dit zorgde ervoor dat de rente extreem hard onderuit ging, zo extreem zelfs dat kortlopend Amerikaans staatspapier een negatieve rente kreeg! De 10-jaarsrente in de VS zakte in het laatste kwartaal van 2008 (het meest depressieve voor aandelen) naar iets meer dan 2%. Dit betekent dat als u nu Amerikaanse staatsleningen koopt u een rendement maakt (tot het moment van aflossing van 2% per jaar). Daar doen we het als beleggers natuurlijk niet voor.

En wat als de inflatie en de rente weer gaan oplopen, dan gaan dergelijke obligaties ook nog eens in waarde achteruit. Dus tussentijds (tot aan de aflossing) komt u dan met lelijke verliezen in de obligatieportefeuille te zitten. Veel analisten denken dat het oplopen van inflatie en rente op de langere termijn een reëel scenario is, omdat vele overheden in de wereld fiscaal aan het stimuleren zijn en er veel geld bijgedrukt wordt, wat tot geldontwaarding kan leiden. Staatsobligaties van westerse overheden lijken voor de langere termijn dus niet echt een goede investering, tenzij er zich een Japan-deflatiescenario gaat ontwikkelen, waar de rente de komende jaren richting de 0% gaat. Maar dan nog, hoe verder de rente daalt, hoe onaantrekkelijker obligaties voor de lange termijn worden. Ze kunnen dus nog wel even in portefeuille blijven, maar vroeg of laat komt de onvermijdelijke afweging, om ze uit de portefeuille te gooien. Dat moment kan weleens eerder komen dan we denken. De laatste uitgifte van een nieuwe Duitse staatslening kon niet op voldoende belangstelling rekenen. Het komt zelden voor dat westerse overheden hun lening niet volledig kunnen plaatsen. Is dit de eerst scheur in het staatsobligatiebolwerk? En als er straks steeds meer beleggers achter komen dat obligaties toch niet de ‘place to be’ zijn, moeten we ons in de intermarketanalyse afvragen waar al het geld naar toe zou moeten gaan. Juist ja, aandelen! Daar zijn de koersen zo hard onderuit gegaan (in tegenstelling tot die van obligaties) dat potentiële rendementen op de langere termijn alleen maar positief kunnen zijn. Onderstaande figuur geeft dat nog maar eens weer. De figuur geeft aan wat er gebeurde in de vijf jaar na de tien slechtste aandelenjaren uit de geschiedenis van de S&P500. Aandelen hebben daarna altijd positieve rendementen laten zien, ook in de Grote Depressie van de jaren dertig.

Harry Geels is directeur Research en partner bij Inmaxxa met kantoor in Naarden (www.inmaxxa.nl). De informatie in deze opinie is niet bedoeld als individueel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. De standpunten en vooruitzichten van Geels geven zijn mening weer in zijn hoedanigheid als directeur Research. Geels heeft op het moment van schrijven geen positie in genoemde fondsen.

LEES OOK

Speculatief koopwaardige aandelen

Een van de riskantste aandelen

Tien aandelen met goed dividend