Even voor de goede orde wat zijn structured producten (ook wel vaak ‘notes’ genoemd) nu precies? Op de site van Robeco, een van de grotere jongens op het gebied van structured products lezen we het volgende: ‘Een simpele uitleg wat ze precies inhouden is nagenoeg onmogelijk door de vele mogelijke combinaties om nieuwe producten te maken. Wel hebben ze een paar karakteristieken gemeen: - Ze worden geïntroduceerd door banken, verzekeringsmaatschappijen, vermogensbeheerders en andere partijen actief op de financiële markten. - Ze zijn meestal in de vorm van een obligatie, ook wel note of certificaat genoemd. - Ze hebben meestal maar een beperkte looptijd (i.h.a. minder dan 10 jaar). - De waarde van het product is afhankelijk van de waardeontwikkeling van één of meer (financiële) instrumenten, de zogenaamde de onderliggende waarde(n). Dit kunnen bijvoorbeeld aandelen, indices, de rente, kredietrisico’s of grondstoffen (commodities) zijn. - Op de einddatum betalen de producten een bedrag uit dat afhankelijk kan zijn van de waardeontwikkeling van de onderliggende waarde(n).’ Kortom het zijn producten waarbij traditionele assetcategorieën gecombineerd worden met derivaten om bijvoorbeeld de opwaartse koersstijging te versterken (leverage), het neerwaartse risico af te schermen (hedging) of tussentijdse winsten vast te clicken. In de combinatie met derivaten zit volgens mij ook de grootste aantrekkingskracht van structured product. De AFM heeft ongeveer een jaar geleden een rapport geschreven over structured products. Een van de meest opvallende conclusies was dat structured products eigenlijk te ingewikkeld zijn voor beleggers. De schuld ligt overigens niet alleen bij de aanbieders van dit soort producten, maar ook bij de beleggers zelf. Die verdiepen zich te weinig in de producten. Punt is natuurlijk ook dat brochures nooit uitblinken in de beschrijving van de risico’s of nadelen. Om de risico’s te beschrijven maak je natuurlijk geen brochure. Die zet je in de financiële bijsluiter die toch bijna niet gelezen wordt. Ook de meeste sites van de betreffende vermogensbeheerders wijzen eigenlijk alleen maar op de voordelen van structured products. Nu het de lijst van de grote nadelen van structured products: Kostbaar Over het algemeen zijn ze bijzonder kostbaar; de verborgen kosten zitten hem veelal in het gebruik van bijvoorbeeld (over-the-counter) derivaten en het niet uitkeren van dividend (het verzekeren van neerwaartse risico’s of vastklikken kost gewoon altijd geld, en de afdelingen van de financiële partijen die deze producten bedenken en maken moeten natuurlijk ook betaald worden). Vaak zijn er ook nog hoge instapkosten. Onethisch (=verplicht klant blijven) Notes hebben meestal een lange looptijd waardoor je eigenlijk ‘vastzit’ aan je belegging. Daarbij komt dat de secundaire verhandelbaarheid vaak lastig is door gebrek aan liquiditeit (grote bied en laat-spreads). Kortom, je komt er niet vanaf. Vermogensbeheerders die structured products in de portefeuille van klanten zetten doen in mijn ogen daarom aan een soort ‘verplicht klant blijven’. Iedere vermogensbeheerder die dit zonder overleg met de klanten in de portefeuille doet is niet ethisch bezig. Ongunstige timing is reëel scenario De meeste structured products zijn, zoals dat zo mooi heet, ‘point-to-point investments’; ze hebben daarom een probleem van timing (je stapt op een nader bepaald, doorgaans vast tijdstip in – de meeste structured product hebben doorgaans maar een beperkte inschrijfperiode – en je stapt op een bepaald vast tijdstip weer uit, omdat tussentijdsuitstappen te duur of onmogelijk is). Je zult maar net op een heel ongunstig moment instappen. Dan zit je dus wel aan dat kreng of die krengen vast. Zelf doen is veel flexibeler en goedkoper Overigens kun je met voldoende kennis van zaken vaak zelf structured oplossingen bedenken en uitvoeren tegen doorgaans veel lagere kosten. Stel u gelooft dat aandelen het de komende tijd weer goed gaan doen. U koopt een tracker (ETF) en van het dividend dat die tracker geeft koopt u een putoptie (bent u afgeschermd naar beneden). Simpel en flexibel: mocht u het geld toch weer nodig hebben, dan liquideert u de posities, zonder dat u te maken krijgt met een ‘spread’ waar ‘een vrachtwagen tussendoor kan’. Alleen voor markten waar de derivatenhandel nog niet zo ontwikkeld is (bijvoorbeeld voor aandelen of vastgoed kan ik me voorstellen dat structured products iets kunnen toevoegen). Garantie is wassen neus De garantie dat u uw geld terugkrijgt is eigenlijk een wassen neus. Bij een groot gedeelte van de structured products heeft u vaak instapkosten (in de meeste gevallen lopende van 2 tot 5%). Dan heeft u dus geen kapitaalgarantie, maar een garantie van 95 tot 98%. Daarnaast mist u over de periode dat de note loopt ook nog eens de rente die je zou krijgen als je zou sparen. In mijn ogen zijn structured products bedacht voor de wat bangere beleggers (zij die dus bang zijn geld te verliezen); de benchmark (de vergelijkingsmaatstaf) voor structured products is dus de eigenlijk risicovrije rente. En die benchmark wordt heel vaak niet gehaald, zo weten we uit de praktijk. Daarom is de conclusie van Beleggers Belangen dan ook volledig gerechtvaardigd: ga sparen als u bang bent dat u een beetje van de inleg kwijt raakt of ga beleggen als u in de toekomst meer rendement wilt hebben dan de spaarrekening (met het risico dat u af ten toe onder water staat).



