Cijfers vierdekwartaal modelportefeuille
Het afgelopen kwartaal was een drama voor de modelportefeuille.
De voorsprong op de AEX ging verloren: de portefeuille loopt nu 12
procentpunt achter op de benchmark.
Sinds de start op 2 januari 2009 heeft de modelportefeuille van
Beleggers Belangen een rendement behaald van 18,6%.
In deze zelfde periode zou een investering in de AEX 30,6%
rendement hebben opgeleverd. De portefeuille loopt dus 12
procentpunt achter op de benchmark.

Deze rendementen zijn overigens geen jaarrendementen, de
portefeuille is namelijk niet op de eerste handelsdag van 2009
begonnen en juist op deze dag stegen de koersen ruim 5%.
De achterstand op de AEX is pas in het laatste kwartaal ontstaan.
Dit kwam niet doordat onze ideeën niet goed zouden zijn, maar omdat
onze timing slecht was.
Wij zagen bijvoorbeeld dat aan het begin van het vierde kwartaal
de goede kwartaalcijfers van Philips en Alcoa zorgden voor een
technische uitbraak boven de 321 punten van de AEX.
Wij speelden in op deze situatie met een CFD (contract for
difference), een hefboomproduct dat in dezelfde categorie valt als
de turbo.
Het afgeronde hoofd-en-schouders-patroon zorgde voor een koersdoel
van 350. De AEX komt daar nu aardig in de buurt. Door onze stoploss
op 312, waardoor wij uit het oogpunt van bescherming uit de positie
moesten, is deze positie echter verliesgevend afgesloten.
Eenzelfde verhaal gaat op voor de kortetermijncall op
ArcelorMittal. Wij kochten de call met een looptijd van een maand
omdat wij een positieve verrassing verwachtten bij de presentatie
van de cijfers.
Hoe korter de optie, hoe hoger het procentuele rendement. De
cijfers waren goed, maar het sentiment werkte niet mee en de call
liep waardeloos af. In de periode daarna steeg het aandeel
ArcelorMittal vele tientallen procenten.
Heel vervelend, maar een logisch gevolg van het grote risico dat
je loopt door zo kort op de bal te spelen. Zonder een beetje geluk
vaart niemand wel.
Cijfers vierdekwartaal
modelportefeuille
Het afgelopen kwartaal was een drama voor de
modelportefeuille. De voorsprong op de AEX ging verloren: de
portefeuille loopt nu 12 procentpunt achter op de benchmark.
Sinds de start op 2 januari 2009 heeft de
modelportefeuille van Beleggers Belangen een rendement behaald van
18,6%.
In deze zelfde periode zou een investering in
de AEX 30,6% rendement hebben opgeleverd. De portefeuille loopt dus
12 procentpunt achter op de benchmark.
Deze rendementen zijn overigens geen
jaarrendementen, de portefeuille is namelijk niet op de eerste
handelsdag van 2009 begonnen en juist op deze dag stegen de koersen
ruim 5%.
De achterstand op de AEX is pas in het laatste
kwartaal ontstaan. Dit kwam niet doordat onze ideeën niet goed
zouden zijn, maar omdat onze timing slecht was.
Wij zagen bijvoorbeeld dat aan het begin van
het vierde kwartaal de goede kwartaalcijfers van Philips en Alcoa
zorgden voor een technische uitbraak boven de 321 punten van de
AEX.
Wij speelden in op deze situatie met een CFD
(contract for difference), een hefboomproduct dat in dezelfde
categorie valt als de turbo.
Het afgeronde hoofd-en-schouders-patroon
zorgde voor een koersdoel van 350. De AEX komt daar nu aardig in de
buurt. Door onze stoploss op 312, waardoor wij uit het oogpunt van
bescherming uit de positie moesten, is deze positie echter
verliesgevend afgesloten.
Eenzelfde verhaal gaat op voor de
kortetermijncall op ArcelorMittal. Wij kochten de call met een
looptijd van een maand omdat wij een positieve verrassing
verwachtten bij de presentatie van de cijfers.
Hoe korter de optie, hoe hoger het procentuele
rendement. De cijfers waren goed, maar het sentiment werkte niet
mee en de call liep waardeloos af. In de periode daarna steeg het
aandeel ArcelorMittal vele tientallen procenten.
Heel vervelend, maar een logisch gevolg van
het grote risico dat je loopt door zo kort op de bal te spelen.
Zonder een beetje geluk vaart niemand wel.
Natuurlijk ging niet alles verkeerd in het
vierde kwartaal. Wij durfden een positie van 30% van de
portefeuille aan in de beursgang van Delta Lloyd. Het moederbedrijf
daalde op de dag van de bekendmaking van de introductiekoers, met
als gevolg dat het leek of het bedrijf voor te weinig geld naar de
beurs was gegaan.
Bovendien hadden bedrijf en moederbedrijf geen
schuld aan de overheid nodig gehad. Na de kortetermijnwinst ging
tweederde van Delta Lloyd uit de portefeuille, zodat de grootte van
de positie in lijn was met de andere opgenomen fondsen.
Daarnaast hebben wij de grote hoeveelheid
contant geld afgebouwd: naast Delta Lloyd is er nu ook een positie
in Family Dollar Store, een waardeaandeel met een
koers-winstverhouding van 11. Dat is laag, helemaal nu de
koers-winstverhoudingen van de grote beurzen wereldwijd richting de
20 zijn opgelopen.
Vanaf het vierde kwartaal nemen wij ook het
dividend mee in de modelportefeuille en in de benchmark, de AEX.
Dit is belangrijk omdat dividend een groter
onderdeel uitmaakt voor het totale rendement dan koerswinst. Sinds
het vierde kwartaal bestaat er ook een dividendfuture op de AEX.
De stand is het uitbetaalde dividend in
punten, die wij vervolgens herinvesteren in de AEX, zodat de
vergelijking met de benchmark eerlijk is.
Elke maandag plaatsen wij een update op onze
website met de slotstanden van de week ervoor.
Natuurlijk ging niet alles verkeerd in
het vierde kwartaal. Wij durfden een positie van 30% van de
portefeuille aan in de beursgang van Delta Lloyd. Het moederbedrijf
daalde op de dag van de bekendmaking van de introductiekoers, met
als gevolg dat het leek of het bedrijf voor te weinig geld naar de
beurs was gegaan.
Bovendien hadden bedrijf en moederbedrijf geen schuld aan de
overheid nodig gehad. Na de kortetermijnwinst ging tweederde van
Delta Lloyd uit de portefeuille, zodat de grootte van de positie in
lijn was met de andere opgenomen fondsen.
Daarnaast hebben wij de grote hoeveelheid contant geld afgebouwd:
naast Delta Lloyd is er nu ook een positie in Family Dollar Store,
een waardeaandeel met een koers-winstverhouding van 11. Dat is
laag, helemaal nu de koers-winstverhoudingen van de grote beurzen
wereldwijd richting de 20 zijn opgelopen.
Vanaf het vierde kwartaal nemen wij ook het dividend mee in de
modelportefeuille en in de benchmark, de AEX.
Dit is belangrijk omdat dividend een groter onderdeel uitmaakt
voor het totale rendement dan koerswinst. Sinds het vierde kwartaal
bestaat er ook een dividendfuture op de AEX.
De stand is het uitbetaalde dividend in punten, die wij vervolgens
herinvesteren in de AEX, zodat de vergelijking met de benchmark
eerlijk is.
Elke maandag plaatsen wij een update op onze website met de
slotstanden van de week ervoor.
