Tijd om af te rekenen
De Yale Endowment, van alle grote professionele beleggers
geroemd om zijn beleggingsresultaten in de afgelopen decennia,
behaalde over het laatste boekjaar een rendement van -24,6%. De
resultaten van de endowments bieden een goede richtlijn om uw eigen
prestaties (of die van uw vermogensbeheerder) te beoordelen.
De endowments van Yale, Harvard en in iets minder mate MIT,
worden al jaren bewonderd om hun beleggingsresultaten. De topman
van Yale David Swensen wordt door een bepaald deel van de
beleggingsgemeenschap nauwlettend gevolgd. Reikhalzend werd er
daarom uitgekeken naar het meest recente jaarverslag dat Yale over
het laatste fiscale jaar dat bij hen loopt van 1 juli tot en met 30
juni. Dat gebroken boekjaar maakt het vergelijken van de eigen
beleggingsresultaten met die van de beste belegger in de wereld
helaas wat minder makkelijk.
Yale noteerde een min van 24,6% en dat was het grootste verlies
sinds begin jaren tachtig, toen de endowment begon met het
rapporteren van rendementen. Hiervoor waren er slechts een paar
kleine minjaren. Yale voelt zich geenszins uit het veld geslagen en
zegt vast te houden aan haar agressieve beleggingsstijl waarbij
veel in hedgefondsen, private equity en 'real assets' wordt belegd.
En waarom zou het zijn stijl ook veranderen: ondanks het grote
verlies van vorig jaar heeft het nog altijd een gemiddeld
jaarrendement van 11,8% (laatste tien jaar). Wel zijn er een paar
veranderingen in het beleggingsbeleid waarneembaar.
Yale deed het het afgelopen jaar slechter dan het gemiddelde
rendement van alle Amerikaanse endowments dat uitkwam op -17,2%.
Maar het gemiddelde jaarrendement van alle endowments steekt in de
afgelopen jaren ook schril af bij dat van Yale: +4,3%. De Harvard
endowment, vaak in één adem genoemd met Yale, verloor overigens nog
meer in het afgelopen jaar: -27,3%. De grootste problemen in de
portefeuille van Yale van het afgelopen boekjaar werden veroorzaakt
door de 'real assets' (vastgoed en grondstoffen): -34% en private
equity: -24%.
Wat iedereen graag wil weten is of ze nu echte veranderingen
aanbrengen in hun beleggingsbeleid. Vele beleggers hebben namelijk
een voorbeeld genomen aan hun vaak agressieve manier van beleggen.
Het is moeilijk om echt duidelijke uitspraken te horen,
bijvoorbeeld van Swensen. Dat is ook wel begrijpelijk omdat ze niet
hun eigen glazen willen ingooien met uitspraken als bijvoorbeeld
'private equity is geen zinvolle belegging meer'.
Hoewel er in het algemeen van uit wordt gegaan dat ze minder
agressief zullen beleggen, zal hun assetallocatie, denk ik, toch
aardig intact blijven. De kasposities zijn bij de meeste endowments
wel toegenomen en zien we kleine 'shifts' naar opkomende markten
(waarmee de afhankelijkheid van het wel en wee van de VS wordt
verminderd).
Ik denk dat beleggers hun eigen beleggingsresultaten zouden
moeten spiegelen met die van de endowments als Yale of Harvard. In
eerdere columns heb ik uitgelegd dat hier de knapste koppen uit de
beleggingsindustrie werken, hetgeen zich ook inderdaad vertaald
heeft in betere dan gemiddelde resultaten in de afgelopen decennia.
Iedere belegger heeft in 2008, begin 2009 geleden (let wel, ik
gebruik het woord 'belegger' en niet 'speculant').
Het gaat erom dat uw eigen resultaten niet te veel negatief
afwijken van die de endowments. Iemand die het met een
neutraal/offensief profiel slechter heeft gedaan dan zeg -35% (wat
al ruim minder is dan Yale en Harvard) heeft het ronduit slecht
gedaan. Heeft u een vermogensbeheerder aangesteld die het slechter
heeft gedaan dan -35%, dan moet u hem terstond (alsnog) ontslaan.
Die heeft blijkbaar geen toegevoegde waarde gehad.
Vooral als uw vermogensbeheerder ook nog behoort tot een
grootbank die de crisis (uw ellende) mede heeft veroorzaakt en
waarvan de top zichzelf blijft verrijken terwijl u de dikke min in
de portefeuille heeft (gehad), is er geen enkele rechtvaardiging om
klant te blijven. Als u in deze omstandigheden toch
vermogensbeheerklant van een grootbank bent gebleven (met dus
slechtere resultaten dan zeg -35%), dan verneem graag ik argumenten
waarom. Bij voldoende reacties verwerk ik die met alle plezier in
een column.
Lees ook:
- Particulieren worden profs
- Wel of niet uitstappen?
Harry Geels is directeur Research en partner bij INMAXXA in Naarden.
Daarnaast is hij uitvoerend hoofdredacteur van Technische en
Kwantitatieve Analyse (TKA). De informatie in deze opinie is niet
bedoeld als individueel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het
doen van bepaalde beleggingen. De standpunten en vooruitzichten van
Geels geven zijn mening weer in zijn hoedanigheid als directeur
Research.
Harry Geels